Lobivia lateritia (Gürke) Br. & R., Cactaceae 1922/56.
Echinopsis lateritia Gürke, MfK 1907/151.
Lobivia cintiensis Card., Cactus 1959/179.
- var. elongata Ritt., Táxon 1963/124.
Lobivia scopulina Backbg., Cactaceae 1962/3735.
Lobivia camataquiensis Card., Cactus 1963/ 90.
Hymenorebutia cintiensis Ritt., Kakteen 1980/583.
Lobivia imporana Ritt. nom. nud.
Enkel, kogelig tot cilindrisch, tot 50 cm. hoog en 10 cm. breed.
Ca. 20 ribben, 15-17 doornen tot 1,5 cm. lang, middenstekels 2-3 tot 3 cm. lang
Bloemen 5 cm. lang, rood met rode meeldraden .
Vrucht kogelig, opdrogend, zaden kogelig met een haast rond hilum.
Groeiplaats: Bolivia, bij Impora.
Lobivia lateritia var. kupperiana (Backbg.) Rausch 1975
Lobivia kupperiana Backbg., Kaktus ABC.1935/414.
Enkel, 10 cm. hoog en 8 cm. breed, blauwachtig- groen.
Ribben ca. 20, 10-20 randstekels tot 4 cm. lang.
Bloemen ca. 5 cm lang en breed, okergeel.
Vrucht kogelig, 1 cm dik, opdrogend.
Zaden meer bultig dan bij Lobivia lateritia, het hilum is breder en rechter
Typestandplaats: Tupiza.
Lobivia lateritia var. rubriflora (Backbg.) Rausch comb. nov.
Lobivia kupperiana var. rubriflora Backbg., Cactaceae 1959/1441.
Lobivia lateritia var. borealis Rausch n. n.
Hymenorebutia torataensis Ritt., Kakteen 1980/589.
Enkel, kogelig tot wat gestrekt 25 cm. lang en 9 cm. dik.
Ca. 18 ribben, randstekels tot 5 cm. lang, donkerbruin tot zwart.
Bloemen 5 cm. lang, rood tot donkerrood.
Vrucht en zaden als Lobivia lateritia.
Groeiplaats: de hogere gebieden van het Cintidal tot Mal Paso.
Lobivia lateritia var. cotagaitensis Rausch, K u. & S. 1977/235.
Tot 25 cm. hoog en 9 cm. breed, doorns wit, later vergrijzend.
Bloemen geel.
Vrucht en zaad als Lobivia lateritia
Typestandplaats: Cotagaite.
Lobivia lateritia var. citriflora Rausch, Succ. 1980/30.
Tot 15 cm. hoog en 9 cm. breed, randdoorns met elkaar vervlochten,
middendoorn naar boven gericht. Bloemen wit tot citroengeel.
Vrucht en zaad als Lobivia lateritia.
Typestandplaats: Vilazon, Talina.
Lit: W. Rausch, Lobivia 1985.









